25. mrt, 2015

Maandag 23-03-2015

Ik zorg dat ik op het moment dat de familie zo’n beetje aangeschoven zit beneden om te eten ik mezelf ga wassen op een stoel en mijn tanden poets, echt elke actie is een project op zichzelf. Onderbroek en broek verwisselen, douchekop pakken, zittend op een stoel en inzepen, afspoelen en haar wassen. Het is wel zo dat de spullen binnen handbereik moeten liggen, anders is er ook weer niet zo veel mogelijk. Maar tot nu toe is de verzorging echt super en zit ik hier net als bij Guido en Eefke en Senna en Nikki ook volpension, door mij zelf bij Guido en Eefke ook al voor de grap overvol pension genoemd, refererend aan mogelijk toch enige opluchting van Guido toen hij begreep dat ik zondag naar Bart en Linde vertrok.

In de ochtend nog wat telefoontjes voor mijn werk, rolstoel voor op werk proberen te regelen, en lezen in “het raadsel van alles wat leeft”, zodat ik even ver ben als de familie Luik, mocht er vanavond weer verder gelezen worden (:-)). Tevens vervoer proberen te regelen naar en van werk: woensdagochtend kan Bart me brengen naar Amersfoort, Wim Nieuwenhuijse wil me wel halen en op donderdagochtend wil Peter Wijn me wel brengen, de terugrit op donderdag moet ik even bekijken. Het internet blijkt er even uit te liggen, en Linde en collega komen even langs om de auto  te pakken naar een bespreking in Amsterdam, zodat ik tussentijds even voorzien kan worden van een volle pot thee. De collega van Linde voelt met me mee wegens de lange immobilisatieperiode. Ik voel me een nutteloos stukje ballast liggend op een bank. Een uurtje nadat Linde en collega vertrokken zijn, komen Bibian, Janna en Auke thuis, want ze kozen ervoor mij gezelschap te houden in plaats van naar de BSO (buitenschoolse opvang) te gaan. Even een potje UNO, variant op pesten, gedaan en vervolgens mogen ze, van mij althans, het vervolg op de Verschrikkelijke Ikke zien, waarvan we zondag al een stukje hadden gezien. Bedenk me op dat moment dat internet eruit ligt, maar gelukkig weet Bibian waar de router/modem combinatie ligt. Ik probeer hem te resetten en vervolgens via televisie contact met internet te maken. Dit lukt niet, vervolgens doen we het stapsgewijs via netwerkinstellingen. Hierbij moet binnen 2 minuten nadat een menu met OK is beantwoord de resetknop van de router zijn ingedrukt. Dit zie ik, met mijn krukken en de 20 meter inclusief trappetje en het zoeken van een evt. resetknop die ik de eerste keer al niet zag, niet zitten. Dus ik zadel de 6-jarige Auke op met de opdracht als ik het roep op de OK knop te duwen waarna ik de eventuele resetknop indruk dan wel de poweraansluiting van de router even uittrek en na 10 sec weer insteek. Ook dit biedt geen oplossing zodat we educatieve kinderprogramma’s gaan kijken, waarvan “de 60 dodelijkste dieren” in ieder geval het meest spannend was, gebracht door een slap aftreksel van Steve Irwin, een vent die toevallig ook Steve heet. Het geheel is Nederlands nagesynchroniseerd zodat het allemaal nog wat meer voor kinderen gemaakt lijkt. De man begint te kanoën in een rivier waarvan hij weet dat er verderop een nijlpaard zit, met een hele cameraploeg op de wal. Als hij het nijlpaard ziet, gaat hij geanimeerd hard fluisteren hoe schitterend het beest is en dat het nijlpaard hier waarschijnlijk veel meer in zijn element is, dan hij in zijn kano. Kortom er wordt het gevoel gecreëerd dat dit een risicovolle actie is. Ik bedenk dat ik zo rond de canicross ook wel een tv-programma of zelfs hoorspel  kan maken in de toekomst. Vervolgens kanoot de gek naar het beest toe, hij zegt dat ie de aandacht van het nijlpaard heeft. Je ziet de neusgaten van het beest op zo’n 50 meter onder water verdwijnen en de nep-Steve Irwin keert zijn kano. 20 meter verder is hij verbaasd dat het beest hem allang gepasseerd is en 30 meter voor hem ligt met nog wat andere nijlpaarden in een ring om de kano heen. Nu roert zich het team op de oever. “Kijk uit, kijk uit, hij zit vlak achter je!”

En hij kanoot nu even flink door tot op de oever, wordt uit de kano getrokken door een aantal mensen van de crew, en even later gaan we naar de volgende dodelijke dieren: een schorpioen, de zwarte weduwe en de zaagschubadder, gevolgd door de ijsbeer, de Grizzly beer, de Bengaalse tijger. En bij elke aanblik van een nieuw moordzuchtig roofdier slaakt de man een oerkreet en meen ik vanwege zijn opwinding een paar winden te horen.

Nou goed, ik en de kids worden vermaakt tot Bart thuis komt en vervolgens Linde. Inmiddels heb ik gezien dat er een plakkerige substantie zich onder de stoel van Auke bevindt, waarvan ik ook geen flauw idee heb hoe die daar gekomen is. De kinderen zijn het volgens mij niet geweest en ik begin te twijfelen of ik er niets mee te maken heb; ik heb steeds het toilet met krukken op tijd weten te bereiken dacht ik toch. Op moment van thuiskomst, ziet Linde de plek en begint de kinderen te bevragen, waarna ik aangeef dat ik ook geen idee heb hoe dat daar is gekomen. Bart vraagt mogelijk volledig terecht, maar bedoelt het grappig, of ik niet even mijn pis op heb kunnen houden tot op het toilet. Het internetprobleem tracht Bart nog op te lossen bij de provider. Na het eten kan ik Janna iets meer ter dienst staan bij het pianospelen. Het nieuwe stuk dat ze vaker had moeten repeteren gaat echt al stukken beter dan gisteren, ze lijkt er ook veel meer zin in te hebben. Ik probeer een ander stuk alvast te spelen zodat ze weet hoe het straks gaat klinken, dat vond ik zelf altijd enorm schelen voor het pianospelen van nieuwe stukken. Afspraken worden door Bart gemaakt om de internetaansluiting te repareren. Ik sta een beetje heel erg aan de zijlijn bij al deze taferelen.  Dit gevoel zal de komende weken nog wel een aantal keren langskomen, schat ik zo in. Aan de zijlijn van de samenleving/werk/maatschappij/sportvereniging. Ik voel me een observator en kijk nu in de kijkdoos van de familie Luik.