30. apr, 2015

Donderdag 30-04

Ik ben in de loop van de weken van Franse chansons gaan houden, of eigenlijk eerder: ik ben er meer naar gaan luisteren, want ik hield er altijd al van. Misschien is het meest prettige wel dat de melancholische klanken gekoppeld zijn aan gevoelsonderwerpen die mij raken, maar je zou ook kunnen zeggen dat het eenvoudig het Franse equivalent van Nederlandse smartlappen betreft, maar minder goed direct te verstaan voor een matig Frans sprekende als ik, en daardoor een stuk beter te verteren. Daar ben ik nog niet zo uit.

“Le vent nous portera” heb ik nu aan staan, ik wilde zeggen “draai ik nu”, en hoewel het bijna weer mag: “plaatjes draaien” (lekker “vintage” die platenspeler), ben je dan toch een aperte oude lul. Platen schijnen weer beter te verkopen terwijl CD’s al helemaal uit zijn. Zo’n plaat, daar hoort dan weer een hoes bij en de geur van mahoniehouten pick-up met een echte te vervangen naald (“needle”?), ik weet nu even niet of daar weer Engelse termen bij moeten, maar dan heb je “muziek in je handen”, schijnt het, in plaats van op een mp3 speler of via spotify of deezer.

Maar goed Frans dus. Ik vind het ook een mooiere taal dan Engels of Nederlands. Er is meer moeite voor gedaan lijkt het wel, het klinkt meer gepolijst en zangeriger, melodieuzer. Turks heeft dat ook alleen struikel je dan over je tong naarmate de zin vordert. Op TV5 Monde vind ik het relaas van een Bretonse havenarbeider met zijn mening over de financiële situatie in Europa zonder ondertiteling altijd een stuk beter doordacht en intelligenter klinken dan het Nederlandse gebazel van Jeroen Dijsselbloem op NOS1. Maar dan zeg ik erbij: zonder ondertiteling..

Goed, ik was dus een beetje uitgepraat over mijn knie. Behalve dat ik kon gaan zeiken over zenuwuitval van mijn linker hand door het lopen met krukken, dat ik overvloedig probeer te doen (3-5 km per dag), viel er weinig over te melden. Misschien dan toch even voor de mensen die anatomisch geïnteresseerd zijn. Anders raad ik jullie aan door te scrollen naar de volgende alinea.

De nervus ulnaris loopt tussen de botknobbel (epicondylis medialis) van de elleboog aan de lichaamszijde als je de handpalm geopend naast je hebt en de achterste botpunt (olecranon) behorend bij de ellepijp (ulna) waar je mee op je ellebogen op tafel steunt (zie figuur 1). Omdat er vanaf de epicondylis medialis een spier aanhecht die je hand buigt richting handpalm en richting pink (flexor carpi ulnaris) en de zenuw onder deze aanhechting doorloopt, voordat hij deze van “prik” voorziet, is er sprake van een soort tunnel en deze wordt ook wel de cubitale tunnel genoemd (figuur 1). Dan vervolgt de nervus ulnaris zijn weg en komt hij tevoorschijn aan de buigzijde van de onderarm boven op een andere spier (de flexor digitorum profundus, (diepe vingerbuiger)) die door deze nervus ulnaris van “prik” voorzien wordt. Deze “diepe vingerbuiger” wordt “diepe vingerbuiger” in het Latijn weliswaar genoemd omdat het heel lang duurt voordat de uitermate lange pezen in de handpalm naar de oppervlakte komen alvorens ze alleen op het laatste kootje van de vingers aanhechten om deze te buigen. Dan zijn we nadat de nervus ulnaris over deze spierbuik bij de pols aangekomen waar de arteria ulnaris (de slagader) zich bij de zenuw voegt. Beide lopen dan samen over een bindweefselband die de pezen van de hand en vingers borgt en bijeenhoudt (het retinaculum flexorum) het zogenaamde kanaal van Guyon in. Het dak van dit kanaal bestaat uit het oppervlakkige palmaire carpaal ligament (ligamentum palmaris carpi superficialis) terwijl aan de pinkzijde het kanaal begrensd wordt door een handwortelbotje (os pisiforme) en aan de duimzijde door het haakje van een ander handwortelbotje (os hamatum) (figuur 2). Wat doet deze nervus ulnaris verder? Allereerst in motorische zin (dat wil zeggen, welke spieren worden nog meer van “prik” voorzien, behalve de flexor carpi ulnaris en de flexor digitorum profundus?). De intrinsieke handspieren, dat wil zeggen ten eerste 2 van de 4 musculi lumbricales (=”wormvormig”), te weten van de ringvinger en pink (zie figuur 3), en ten tweede de musculi interossei (“tussen de middenhandsbeentjes”). De lumbricales buigen het eerste kootje ten opzichte van de handpalm en strekken het tweede en derde kootje. De interossei zijn onder te verdelen in de 4 dorsale (“aan de rugzijde gelegen”), welke de ringvinger, middelvinger en de wijsvinger weg bewegen van de middellijn van de hand, en tevens de lumbricales helpen, en de 3 kleinere palmaire (“aan de palmzijde gelegen”) interossei (figuur 4), die voor het sluiten van de vingers zorgen en tevens in lichte mate tegenwicht bieden aan de acties van de lumbricales en de dorsale interossei. De opponeerspier van de pink (opponens digiti minimi) welke de pink naar de duim brengt (roteren en naar voren trekken) (figuur 5). De korte pinkbuiger (flexor digiti minimi brevis), de naam zegt het al (figuur 6). De pinkafbuiger (abductor digiti minimi), die de pink van de palm afbuigt (figuur 6). Deze spieren maken deel uit van de pinkmuis. De duimaanvoerder (adductor pollicis) die de duim naar de palm toebeweegt. Dat zijn in totaal dus 8 spieren/spiergroepen die door de nervus ulnaris aangestuurd worden. De nervus ulnaris voorziet echter ook het gevoel in de hand, dat wil zeggen de helft van de ringvinger en de hele pink aan de palmzijde (figuur 7), en de hele pink en ringvinger en de helft van de middelvinger aan de rugzijde van de hand (figuur 8).

Dat is even een opfrisser van jullie biologie kennis op middelbare schoolniveau. En nu terug naar mijn geloop met krukken. Ik kan mijn hand prima buigen, maar het probleem komt op het moment dat ik de sleutel om wil draaien in het slot met mijn linker hand, of als ik iets wil vastpakken met mijn vingertoppen. Pianospelen met pink en ringvinger is lastiger, mijn derde kootje kan ik minder snel buigen. Overmatig gebruik van mijn flexor carpi ulnaris links lijkt net voorbij de cubitale tunnel mijn nervus ulnaris te prikkelen/af te drukken waardoor deze voorbij het niveau van de flexor carpi ulnaris wel de spieren minder goed lijkt aan te sturen. Dit verklaart dat mijn wijsvinger toch ook doorstrekt als ik iets wil vastpakken in pincetgreep. Het kan dus niet anders dan dat de flexor digitorum profundus ook niet goed werkt en dat dus de ulnaris al voor het kanaal van Guyon al afgekneld wordt. Maar ook het os hamatum is wat gevoelig door de druk van de krukken, dus er vindt vast ook wat extra afknelling plaats ter plekke van het kanaal van Guyon, zoals ook bekend is bij het racefietsen.

Dan naar de dag van morgen, want dan kom ik ter controle terug bij de orthopeed en zal waarschijnlijk het gips eraf mogen. Aansluitend is er een weekendje Leuven waar ik enorm zin in heb. Ik ben ook wel angstig voor het moment dat het gips eraf mag, vanwege het feit dat mijn knie dan kan buigen en ik niet plots veel kracht met mijn bovenbeenspieren moet zetten. “Zo, kom maar eens van de bank af meneer Te Boekhorst!!” Een lange stilte en geen enkele beweging van mijn kant. Stel dat ik niet eens van de onderzoeksbank af durf?? Le vent nous portera? Bestel maar een ambulance voor vervoer naar Bilthoven, of toch maar Leuven?..

Wordt vervolgd.