24. jun, 2015

13,5 week: een beginnetje van hardlopen!!

Zaterdag 13-06

Vanmiddag heb ik afgesproken met het bekendste hardloopstel van Midden Nederland en inmiddels erbuiten ook wel: Rik en Ilonka. Het wordt voor de eerste keer dat ik bij hen in Woudenberg afspreek sinds de peesscheur en operatie. Na vertrek slaag ik erin om gewoon bij doorkomst in Den Dolder de verkeerde kant op te rijden. En even later moet ik even keren. Geeft allemaal niets want met google maps vind je de route probleemloos terug. Na een aantal rustdagen voelt het been toch weer een stuk sterker met fietsen. Het maakt weer een sprongetje, ik kan gewoon 32 km per uur doortrappen, het been nog niet heel veel voorstelt natuurlijk maar het gaat ook gemakkelijk draaiend. Bij binnenkomst van Woudenberg rijd ik me volledig vast in een braderie van een omvang die zijn weerga niet kent, het blijkt allemaal gestoeld op een vroeg Middeleeuwse gewoonte, iets met een haan, en een Eierkoningin en Eierprinses, maar er is ook minder middeleeuwse muziek van Hazes, live gespeeld waarbij ik me met de racefiets echt dreig vast te rijden in de menigte. Ik laveer eerst 250 meter door de menigte na eerst langs de dranghekken geglipt te zijn, en vervolgens met de linker voet uit het pedaal om in een onbewaakt moment van achteloosheid van mij of wandelaars direct de linker voet aan de grond te kunnen zetten. Maar na die 250 meter zit de straat zo potdicht met mensen, dat er maar 1 keuze rest en dat is omdraaien, vriendelijk lachend naar mensen die me wel lijken te willen schieten om mijn mooie racefiets met mijn lelijke litteken. Na even een bypass gekozen te hebben, denk ik wel voorbij het oud-Woudenbergse ritueel  gestoken te zijn en probeer ik weer de doorgaande dorpsstraat in de draaien. Niets is minder waar: de braderie gaat onverdroten voort en ik besluit over te steken en aan de overzijde een parallelweg te zoeken. Dat lukt, hoewel deze parallelweg ook een afbuigende hyperbool blijkt te zijn zodat ik weer 500 meter via een loodlijn op de dorpsstraat moet nemen om op de dorpsstraat zodat ik nu ettelijke kilometers verder toch wel de braderie gepasseerd moet zijn. Niets is minder waar, en ik besef dat ik met 1 van de grootste braderieën van de moderne wereld ter wereld van doen heb. Vergeleken met de “Braderie van Woudenberg” is “de Chinese muur” niet langer dan een hagelslagkorrel (niet eens XL Venz). Op deze manier kom ik een half uur later dan gepland bij Rik en Ilonka, maar dat mag de pret niet drukken. Ik word door Rik en Ilonka bijgespijkerd qua kennis omtrent de zogenaamde Haantjesdag. Jaarlijks terugkerend fenomeen waarbij er ook een Eierkoningin en Eierprinses gekozen wordt en waar je doorgaans als man en vrouw niet dood bij in bed gevonden schijnt te willen worden (een enkele uitzondering daar gelaten, doodsbenauwd als ik ben dat hare majesteit de eier-koningin of –prinses zelf dan wel een eerstegraads,  tweede of derdegraads familielid dan wel een goede buur dit leest). En in geval dat je wel dood gevonden wordt, moet enige stijfheid van deze of gene lichaamsdelen als door rigor mortis ad horror subitum ontstaan beschouwd worden en niet anderszins uitgelegd worden. Na enkele lekkere biertjes en heerlijk eten, geheel traditiegetrouw door Ilonka bereid in haar territorium, iets waar ze echt goed in is, kijken we nog even naar de live uitzending van de Zwolse halve marathon, voor ik in het schemerdonker terug fiets. Dit gaat even een tempootje hoger omdat ik voor het donker thuis wil zijn. Het blijkt dat ik het klimmetje bij Austerlitz nu met 26-27 km per uur op kan rijden waar ik afgelopen dinsdag nog maar 22-23 km per uur reed (met Ruud van Suijdam in het vizier). Maar lastig te zeggen of ik niet al in een te zware versnelling begon en dat ik nu beter aan het draaien was. Het gemiddeld houd ik nu makkelijk op 30 km per uur.

Dinsdag 16-06

12 weken en 5 dagen na de operatie. De afgelopen dagen vooral lunges en squats gedaan om het linker bovenbeen sterker te maken. Ik vind dat ik er nog niet voldoende mee bezig ben. De quadriceps kan sneller in kracht toenemen denk ik en het valt nog niet echt mee, valt me op. Ik moet er wat meer werk van maken. In de avond heb ik met Bart Broex afgesproken om vanaf 19.30u een rondje te rijden. Het wordt 19.45u en het is een beetje koud. Ik heb wel een shirt met lange mouwen en een jasje aan maar Bart niet. En we maken namelijk uiteindelijk wel een rondje van 60 km via Hilversum, ’s Graveland, Loenen aan de Vecht, Breukelen, langs de Loosdrechtse plassen ook weer terug naar Bilthoven waar onze wegen zich scheidden bij de A27. Wat me wel opvalt is dat ik nu redelijk makkelijk 34-35 km per uur kan blijven rijden ongeacht de wind. Dat is al wel een behoorlijke vooruitgang.

Vrijdag 19-06 (Zoveelste meninkje van Te Boekhorst, overslaan als je daar genoeg van hebt)

In de avond heb ik afgesproken met Ruud Kamp wat te gaan eten in het oude Postkantoor in Bilthoven. Bij ons eerste drankje wordt ons al verteld dat we niet zullen kunnen pinnen wegens een storing van het apparaat en of we straks contant kunnen afrekenen. Geen enkel probleem, zolang de 2 pinautomaten die Bilthoven rijk is, het maar doen. Dit doet ons ook een beetje denken aan het Grexit gedoe, het zo mogelijk nakende vertrek van Griekenland uit de Europese Unie. Grieken die in allerijl het geld van de bank halen in eigen land. Slim van ze denk ik, ik had het alleen wat eerder gedaan en er zijn er vast die dat al wat eerder hebben gedaan, alleen viel het de bank en dan dus de dagbladjournalistiek ook wat minder op. En de mensen valt het pas op als de bladen er een ding van maken. Het geeft niet dat de dagbladen er wat laat over begonnen; er is voor alle dagbladen nog ongeveer 1,5 week om omtrent deze hype in het nieuws flink aan de woord-diarree te raken. Vaak duurt het zolang tot de kurk weer op de fles gaat. Tussentijds zit er geen rem op het eindeloos napraten, zonder goede controle van bronnen. Het meest fascinerende zijn misschien nog wel de AnsaldoBreda-waardige oftewel nauwelijks doorgesmeerde remmen van de gemiddelde hoofdredactie. Op een gegeven moment moet je ook weer stoppen met de berichtgeving en op tijd een nieuw onderwerp aansnijden, iets wat de “betere” journalisten wel begrijpen. De “beste” journalisten onderkennen het snelst een nieuwe trend of kunnen er op hun best een eigen draai aan geven. Voor de “mindere” zijn de exogene liefst schokkende nieuwsgebeurtenissen die geen verdere uitleg of inkadering in het verleden behoeven een welkome verademing. Lekker ongegeneerd verslag kunnen doen van een natuurramp, vliegtuigongeval waarbij we eindeloos de nieuwsfeitjes met aantal verdronken mensen, vermiste mensen, uitgevallen vliegtuigmotoren na kunnen praten van hetzelfde persbureau zonder zelf te hoeven nadenken. Hèhè, heerlijk!! geen “foute”, of controversiële interpretaties mogelijk.. Aan de andere kant: de eindeloze brij aan opiniestukjes van de “betere” journalisten zorgen voor de idee dat we onze wereld beter denken te begrijpen. En als we een decennium of 2 a 3 te vroeg beginnen met een geschiedenisboekje dan bestaat de kans dat we door de hekgolfjes de grote golfstroom niet meer zin. Allerlei zelfbedachte golfbewegingen van op dat moment “algemeen gerespecteerde” en dus “betere” journalisten krijgen veel meer nadruk dan ze eigenlijk verdienen. De hypes en modegrillen worden bijna even belangrijk gevonden als het begin van de boekdrukkunst en het versneld doorstarten van technologische ontwikkelingen via de industriële revolutie.

Een goede hoofdredactie in een evenwichtig blad zorgt voor voldoende dempend vermogen om de golfslag te minimaliseren waardoor niet elk hekgolfje de schijn van een tsunami oproept.

Daarnaast zitten we volgens mij met nog een probleem van filosofische origine: de sinds de renaissance met hernieuwde kracht aangehangen Aristoteliaanse visie met een duidelijke scheiding tussen object en subject. De huidige wetenschappelijke benadering met experimentele proef waarbij de beïnvloeding van het subject (factor) leidt tot een veranderd object (resultaat). Hierdoor kan bijna elke gelijktijdigheid tussen 2 fenomenen niet eens meer als toeval gezien worden, maar moet er direct een oorzaak-gevolg relatie tussen de 2 fenomenen of, op zijn gunstigst, een associatie in gezien worden. Voorbeeldje: de opinie van het volk is harder en gepolariseerder geworden sinds de moord op Fortuyn. Men is minder tolerant. Dit zou kunnen komen doordat mensen paal en perk willen stellen aan misstanden waaronder politieke moorden. Het zou kunnen komen dat de indruk gewekt wordt dat dit veranderd omdat we via social media (waar ik zelf als de zoveelste blogger ook flink aan bijdraag) allemaal onze meninkjes tentoon kunnen spreiden. In de jaren ‘80 en ‘90 werd je daar niet mee opgezadeld. En er zijn nog 500 redenen te verzinnen. Maar misschien zit daar al de fout: voor alle zogenaamde golfbewegingen moeten oorzaken gevonden worden, puur Aristoteles’ visie.

Het gebrek aan zelfremming bij de redacties van dagbladen doet me denken aan alle falende negatieve en positieve feedbacksystemen in artsenopleidingen, verpleegopleidingen en waarschijnlijk eigenlijk de meeste opleidingen waar ik minder zicht op heb. Vraag en aanbod. Het is 2005: in het UMC Utrecht zijn geregeld 8 van de 16 OK’s gesloten, niet omdat er geen wachtlijst is, niet omdat er te weinig chirurgen zijn, nee, omdat de verpleegkundige omlopen op zijn. Het salaris is te laag en de onregelmatige diensten zijn niet populair als je een gezinnetje wilt en door het part-time werken zijn  er veel meer werkneemsters/nemers nodig per werkweek. Intussen zitten er chirurgen thuis. Voldoende signaal om iets aan de verpleegkundigen opleiding te doen en vooral de financiering. Tevens tijd om te zorgen dat er geen chirurgen thuis hoeven te zitten, dus daar ook part-time werken als nieuwe cultuur in te voeren. Dit wordt lastig, want als we Haantjesdag in Woudenberg middeleeuws durven te noemen, dan is de gemiddelde maatschap chirurgie toch al snel te vergelijken qua traditionele opvattingen met de vroegst bekende Egyptische dynastie zo rond 3100 voor Christus, onder leiding van koning Narmer, de eerste farao. Het schijnt dat Narmer gelijkgesteld werd met de zonnegod Re en dat dienaren geofferd werden en alvast in belendende graven naast dat van Narmer neergelegd werden om de farao in het hiernamaals te kunnen dienen. Nou, zo erg zal het zeker niet gesteld zijn met de chirurgen dat er wel eens een verpleegster om obscure redenen het loodje heeft moeten leggen om vervolgens direct naast het graf van een chirurg begraven te worden, maar ik schets alleen een beeld. Opvattingen als “60 uur per week werken is normaal als je een goede chirurg wilt zijn”, “we zijn onmisbaar op de afdeling, in het ziekenhuis, op de OK” en nog andere enge opvattingen zijn er al 40 jaar onveranderd. Vooral die onmisbaarheidswaan is hardnekkig. Het werk een beetje spreiden en de werkeloze collega’s ook een stukje van de taart gunnen lijkt bijzonder lastig voor deze beroepsgroep. Als dan, anno 2005, part-time werken niet in te voeren lijkt te zijn, en dat nog een aantal jaren op zich laat wachten (tot zo rond 2010), dan zou je zeggen: leidt wat minder chirurgen op. Ik krijg niet de indruk dat daar toen voldoende op de rem getrapt is.

En dan gaan we via hetzelfde naadloze (ahum) bruggetje terug naar onze beschouwing over Grexit. Is het verlaten van de Europese Unie nu werkelijk zo’n ramp voor Griekenland? Ja, zo op het eerste oog de eerste 5 jaar waarschijnlijk wel. Maar het voordeel is dat het besef wat werkelijk belangrijk is, dan wel naar boven komt. Als er geen brood meer te krijgen is, als de vuilnis op straat ligt te rotten, als er geen stromend water is omdat waterleidingen stuk zijn, als de computergestuurde systemen falen zullen de echte vakmensen zoals boeren, vuilnisophalers, monteurs, programmeurs node gemist worden. We schatten in dat het aantal overhead functies en management functies in Griekenland drastisch gaat verminderen, terwijl het tekort aan mensen, dat het echte werk gaat doen, aangevuld zal worden.

Als we denken dat het in de Europese Unie en in de “ontwikkelde landen” allemaal goed geregeld is, lijkt het me een goed idee om even een modaal Nederlands bedrijf nader te bekijken. Wat zijn die eerdere regels vanuit Europa en eigen regering dan? We denken dan aan regelgeving omtrent “veiligheid” en “duurzaamheid” welke eenmaal geïmplementeerd door bedrijven vaak beloond worden met overheidssubsidies en vervolgens met veel tamtam naar buiten toe gepresenteerd worden als de boegbeelden van het bedrijf. Het hebben van een afdeling an sich die zich met “duurzaamheid” of “veiligheid” bezig houdt wordt als een bonte schakering van tierelantijnen en snuisterijen aan de buitenwereld getoond. Als een bedrijf snel zijn producten aflevert en die producten zijn ook nog eens kwalitatief sterk, is dat waarschijnlijk zeer goed voor de financiële positie van het bedrijf. Deze core business mag niet meer het visiteplaatje van het bedrijf zijn, nee, dat plaatje wordt gevormd door veiligheidsgaranties op te brengen door het bedrijf zelf via hele afdelingen die zich met “veiligheid op het werk” bezighouden. Of hele afdelingen die zich de hele dag het hoofd breken over “duurzaamheid” en hoe dit in hemelsnaam te implementeren in een bedrijf dat voor zijn financiën zo min mogelijk in zijn core business geremd moet worden. Bedrijven worden gesubsidieerd als voor “veiligheid en duurzaamheid” voldoende aandacht is en per afdeling hangt er een hele takkenbos van managementfuncties boven. Al deze mensen moeten ook aan het werk blijven en wat betreft de “afdeling veiligheid” maken onder andere afspraken en regels die ervoor zouden moeten zorgen dat de werknemer niet overbelast raakt zowel in fysiek als psychisch opzicht. In de praktijk betekent dit dat een bedrijf waarvan de core business IT is, bijvoorbeeld de werktijden van de programmeurs per dag begrenst. De goede programmeurs zullen zich beknot voelen als ze net een goede vibe hebben om even hard door te werken, de slechte programmeurs zullen elke mogelijkheid aangrijpen om hun recht op rust op te eisen. Daarnaast is het een tendens om iedere werknemer in overleg met het management “doelen” te laten stellen, en als de doelen binnen een bepaald tijdvak gehaald zijn, doet een werknemer het “goed” en zo niet dan doet hij/zij het “slecht”. Als je het doel laat afhangen van de taakbereidheid en de capaciteiten van die werknemer dan begrijp je al tot wat voor scheefgroei dit leidt. Leiden gehaalde doelen tot een grotere werklust bij de minder capabele werknemer, en het niet halen van doelen bij de zeer capabele programmeur tot nog meer inzet? Ik waag het te betwijfelen..

Wat betreft de afdeling “duurzaamheid”: de troefkaart “duurzaamheid” wordt alleen getrokken als het uitkomt voor het oog van de kerkvolk, lees “overheid”. Eerst moet er omzet gedraaid worden en als die voldoende groot is door het werk van de programmeurs in ons voorbeeld IT bedrijf, dan is er ook nog ruimte voor de snuisterijen in de vorm van een sausje duurzaamheid. Het is een beetje alsof je echinaforce gaat nemen voor een gevorderde dikke darmkanker, of tijgerbalsem voor een meniscusscheur. Verwacht er niet teveel van. De invloed van allerhande milieuregeltjes onder auspiciën van onze overheid en de Europese zijn nauwelijks een druppel op een gloeiende plaat als het gaat om het langer voortbestaan van de aarde. Je mag best je groente-fruit-tuinafval en papier blijven scheiden hoor, en eventueel een paar zonnepaneeltjes aanbrengen, maar besef wel dat we het alleen maar kunnen doen omdat we het te goed hebben en daardoor al zo’n berg afval en enorme belasting van het milieu veroorzaken per hoofd van de bevolking via het gebruik van technologische apparatuur (denk aan vaatwasser, magnetron, televisie, laptop, tablet, auto, vliegreizen). Deze schijnbezorgdheid om het milieu zie je eigenlijk alleen in landen die het financieel nog te goed hebben waardoor ze voldoende niet duurzaam gedrag kunnen ontplooien om vervolgens het oppervlakkige vernislaagje van duurzaamheid op te houden. In Brazilië en Kenia heb ik gezien wat er gebeurt als je net voldoende eten hebt om goed van te leven: de bergen afval waren niet te overzien. In Brazilië aan de kust op zondag met zijn allen met de auto tot op het strand om de enige dag dat ze van hun vrije tijd kunnen genieten te vieren. Ik was inmiddels overtuigd: duurzaamheid is een hobby van de rijken.

De enige echt efficiënte aanpak van de milieudreiging is geboortebeperking. Een niet zo vaak gehoord en mogelijk wat impopulair standpunt, ik weet het, en als je dat als politicus zegt trek je geen stemmen. En hiermee is eigenlijk ook alles gezegd over het doel van elke politicus. Groen-Links is wat het milieu-standpunt betreft voor mij ook tamelijk leugenachtig. Doen alsof het je om het milieu te doen is maar de enige werkelijk nuttige maatregel, geboortebeperking, niet noemen.

Even voor de duidelijkheid: ik heb niets tegen gezinnen. Je mag ook best zeggen dat je het gezin en kinderen belangrijker vindt dan milieu en dat dat je prioriteit heeft, maar zeg dan niet dat je het milieu prioriteit geeft.

Tot zover mijn zoveelste meninkje.

Zaterdag 20-06

Overdag doe ik een flink aantal squats en lunges: het komt neer op 4x 3x 30 lunges en 6x 15 squats met een rugzak met een paar zware boeken erin (Gray’s Anatomy en Braunwald Cardiology). Vervolgens krijg ik een berichtje van Patricia Schreurs met de vraag hoe het met me gaat en of ik toevallig zin heb met de HDRT groep in Nijverdal, de Wilgenweard, te barbequen. Ik twijfel daarover maar als het ook mogelijk blijkt te kunnen overnachten daar, besluit ik zeker te gaan. Een grote en gezellige groep atleten met Marc Boes, Imo Muller en Patricia, Agnes Heijman met man en kinderen, Fred Mook als trainer met vrouw en kinderen, Nathan, David, Hans Kruis, Corelien Kloek en Eric Borg. Eerder die dag was Wytze Muijzert er ook, maar die moest weer terug.

Zondag 21-06

De volgende ochtend wordt er getraind om 7.30u en ik besluit op hetzelfde moment maar eens een eerste hardlooppoging te doen. Ik zit te denken aan een paar x 100 of 200 meter met ertussen een serie lunges en /of squats. Achter de groep aan joggend/dribbelend draai ik na 150 meter op het parkeerterreintje weer om. Na 300 meter ben ik terug en bij 200 meter had ik al wel gevoel dat het genoeg was. Ik voer vervolgens 10 lunges met het linker been voorwaarts uit, vervolgens met het rechter been naar achteren en vervolgens met het linker been naar achteren. Dit programma herhaal ik 2x. Vervolgens loop ik nogmaals 300m met nogmaals het programma lunges, dit herhaalt zich nog 4x en vervolgens voer ik 60 squats uit door eerst 2 treden met het linker been te nemen, direct de rechter heup ernaast te strekken en zet dan de rechter voet weer een trede lager en zet de linker voet ernaast. Dan neem ik weer 2 treden met het linker been en alles herhaalt zich. Vervolgens loop ik nogmaals 300 meter. Per looprondje word ik wat veerkrachtiger, maar hoe veerkrachtiger ik begin hoe eerder de knie vermoeid aanvoelt (al na zo’n 200m). Ik ben eigenlijk al erg blij dat dit zo lukt. Na even ontbijten en de verhalen van de anderen over hun 9 km loopje vertrek ik met Hans Kruis voor een stukje op de racefiets. Het wordt een enkeltje bezoekerscentrum Holterberg en weer terug omdat we alle twee niet zo’n trek hebben om doornat te worden. Op de terug weg over de diepe Hel valt het nog bijzonder tegen om het steile stuk hard te kunnen rijden, maar goed het is allemaal wat langer dan op de Utrechtse heuvelrug. Terug in Nijverdal besluit Hans met mij nog een rondje te rijden, maar toch zijn we na 32 km al terug in de Wilgenweard.

Maandag 22-06

Nog maar eens een stukje rennen: opnieuw lunges en squats tussen 5x 400m stukjes. Sinds 4 dagen doe ik ook weer mijn dagelijkse core stability programma van 10 minuutjes, behalve de eenbenige plank steunend op het linker been , dit lukt nog maar 8 seconden. Het begint er heel langzaam op te lijken want het tempo gaat al naar 10 km per uur op de loopstukjes waar het gisteren nog 8,5 km per uur was. Ik wil graag zien waar ik over 1,5 week sta!!  Ik denk eigenlijk dat ik begin volgende week 1-2 km aan een stuk kan lopen met 12 per uur en een week later 5 km, maar eerst maar eens kijken of ik gelijk krijg.